Anorexia Nervosa
Anorexia nervosa is een eetstoornis. Mensen met anorexia proberen uit alle macht af te vallen. Sommigen gaan daarom vasten. Anderen hebben regelmatig last van eetbuiten, maar raken het eten weer kwijt door over te geven, laxeermiddelen te gebruiken of plaspillen, of een klysma.
Letterlijk betekent anorexia nervosa: gebrek aan eetlust door een psychische oorzaak. Maar dit is onjuist. Mensen met anorexia hebben wel degelijk honger, alleen ze proberen dat gevoel te onderdrukken. Ze geven er niet aan toe.
Anorexia geeft grote sociale, emotionele en lichamelijke beperkingen. Emoties vlakken af, het niet willen eten geeft veel conflicten met ouders of partner, de zin in seks neemt af, mensen met anorexia trekken zich vaak terug in een isolement. De ondervoeding geeft allerlei lichamelijke klachten, en mensen kunnen erdoor doodgaan. De stoornis kan leiden tot blijvende arbeidsongeschiktheid. De kans op doodgaan is vijf keer groter dan bij mensen zonder anorexia.
Mensen krijgen nogal eens een andere eetstoornis. Mensen die eerst alleen maar vasten, krijgen later last van eetbuien; of ze krijgen boulimia, of een andere eetstoornis.
Gaat anorexia over?
Voordat mensen anorexia krijgen, hebben ze meestal al een tijd intensief aan de
lijn gedaan. Het begint meestal als ze15 tot 25 jaar oud zijn. Gemiddeld heeft
iemand 4 jaar anorexia. Soms duurt het een paar maanden, maar soms wel
tientallen jaren. Er is grote kans dat het terugkeert als iemand ooit anorexia
heeft gehad. Bij 1 op de 4 gaat het niet over. Een klein aantal overlijdt aan de
stoornis (van elke 18 opgenomen cliënten is er na 10 jaar 1 overleden).
Hoe vaak komt anorexia voor?
Anorexia is vrij zeldzaam. Ongeveer 5600 mensen hadden het afgelopen jaar
anorexia. Per jaar komen er 1300 bij, en ongeveer evenveel genezen jaarlijks.
Het aantal neemt dus niet toe.
