Autisme

Autisme komt van het Griekse woord 'autos' dat 'zelf' betekent. Autos verwijst naar de in zichzelf gekeerde indruk die mensen met autisme soms maken.

Met autismespectrum-stoornissen worden vijf ontwikkelingsstoornissen bedoeld.

  • Autistische stoornis
  • Stoornis van Asperger
  • PPD-NOS
  • Stoornis van Rett
  • Desintegratiestoornis van de kinderleeftijd

De stoornis van Rett, en de desintegratiestoornis van de kinderleeftijd zijn zeer zeldzaam. Daarom worden de andere drie stoornissen van het autismespectrum vooral beschreven.

Mensen met één van deze vijf stoornissen hebben de volgende kenmerken.

  • Minder goed sociaal contact kunnen maken
  • Minder goed kunnen praten of communiceren
  • Minder de fantasie gebruiken
  • Een star patroon van zich herhalende, typische bezigheden

Deze stoornissen zijn allemaal verwant aan autisme. Het zijn stoornissen die zeer ingrijpend zijn voor de ontwikkeling van jonge kinderen. Omdat ze veel overeenkomsten hebben, worden ze samen beschreven.
In de praktijk is het moeilijk verschil te maken tussen deze stoornissen, met uitzondering van de autistische stoornis en de stoornis van Rett. Die verschillen genoeg van elkaar om ze goed te kunnen vaststellen bij kinderen.

Hoe vaak komen autismespectrum-stoornissen voor?
In Nederland hebben van alle 4 miljoen jonge mensen tot 20 jaar: 4000 kinderen een autistische stoornis; 6000 kinderen PPD-NOS en 1000 kinderen stoornis van Asperger.
Overigens bleek uit een recent onderzoek dat er ongeveer 25.000 kinderen zouden zijn met een stoornis uit het autismespectrum, waarvan het overgrote deel met PPD-NOS.
Het lijkt of het aantal kinderen met autismespectrum-stoornissen toeneemt. Maar dit kan goed komen door de grotere bekendheid, en doordat de omschrijvingen van de stoornissen in de loop der jaren ruimer zijn geworden.

Gaat het over?
Kinderen met stoornissen uit het autismespectrum houden het ook in hun latere leven. Wel kunnen de verschijnselen veranderen en ook de ernst ervan.
Gestructureerde programma's kunnen het functioneren op latere leeftijd gunstig beïnvloeden.
Voor de autistische stoornis is het uitzicht op verbetering het minst. Bij een kwart van de mensen verbeteren de verschijnselen in de loop der tijd.

De belangen van mensen met een psychiatrische zorgvraag bepalen ons handelen.